U krijgt een bericht van de rechtbank of leest in het Staatsblad dat een klant onder gerechtelijke reorganisatie staat. Geen faillissement, maar uw openstaande facturen zijn wel bevroren. Wat mag u nog doen, wat niet, en hoeveel van uw geld ziet u terug? Dit is de procedure, bekeken vanuit uw stoel.
Wat is gerechtelijke reorganisatie?
Gerechtelijke reorganisatie is een procedure bij de ondernemingsrechtbank die een onderneming waarvan de continuïteit bedreigd is, tijdelijk beschermt tegen haar schuldeisers. Het bedrijf blijft draaien, de bestuurders blijven aan het stuur en er komt geen curator. Het doel is een doorstart, niet een sluiting. Het grote verschil met een faillissement, waarbij een curator alles verkoopt.
De procedure komt uit de wet continuïteit ondernemingen van 2009, vandaar de afkorting WCO die iedereen nog gebruikt. Die wet is opgegaan in Boek XX van het Wetboek van economisch recht, in 2023 grondig hervormd na de Europese herstructureringsrichtlijn. De officiële naam is nu "procedure van gerechtelijke reorganisatie" (GRP).
De drie types van gerechtelijke reorganisatie
Bij de opening kiest het bedrijf een doel. Dat doel bepaalt hoe hard de procedure u raakt.
| Type | Hoe het werkt | Voor u als schuldeiser |
|---|---|---|
| Minnelijk akkoord | Het bedrijf onderhandelt een afbetalingsregeling met twee of meer schuldeisers, onder toezicht van de rechtbank. De andere schuldeisers staan buiten het akkoord. | Enkel gebonden als u tekent |
| Collectief akkoord | Het bedrijf legt een reorganisatieplan voor aan al zijn schuldeisers. Een meerderheid van de schuldeisers moet het goedkeuren, daarna homologeert de rechtbank het. Het plan kan vorderingen verminderen en betalingen spreiden over maximum vijf jaar. | Bindend, ook als u tegen stemde |
| Overdracht onder gerechtelijk gezag | Een gerechtsmandataris verkoopt de activiteit (of een deel ervan) aan een overnemer. De oude vennootschap blijft achter met de schulden en gaat meestal in vereffening of faillissement. | Uw vordering blijft bij de lege vennootschap |
Een bedrijf kan onderweg van doel veranderen, bijvoorbeeld van collectief akkoord naar overdracht. Sinds de hervorming van 2023 bestaat er ook een besloten voorbereidende fase waarin het bedrijf onder begeleiding van een gerechtsmandataris een akkoord of overdracht voorbereidt zonder publicatie. Daar komt u als schuldeiser pas achter als u zelf aangesproken wordt.
De opschorting: wat verandert er voor u?
Vanaf het vonnis dat de procedure opent, geldt een opschorting. De rechtbank kent eerst maximum vier maanden toe en kan die verlengen, met een totale duur van in principe maximum twaalf maanden. Alle schulden die dateren van vóór dat vonnis, in het jargon "schuldvorderingen in de opschorting", worden bevroren. Concreet betekent dat:
- U kunt die facturen niet laten uitvoeren, ook niet met een vonnis in de hand.
- U kunt geen beslag leggen. Lopende beslagen blijven bestaan, maar de verkoop gaat niet door.
- U kunt het faillissement niet vorderen.
- U kunt het contract niet opzeggen enkel omdat het bedrijf in reorganisatie is, ook niet met een clausule die dat voorziet.
Schulden die ontstaan ná de opening vallen niet onder de opschorting. Die moet het bedrijf gewoon betalen. Betaalt het een nieuwe factuur niet, dan mag u na een ingebrekestelling uw leveringen stopzetten. Mislukt de reorganisatie en volgt een faillissement, dan zijn die nieuwe schulden bevoorrecht. In een lege boedel is een voorrecht echter weinig waard, vandaar de gouden regel: lever tijdens de procedure enkel tegen contante betaling of voorschot.
Tijdlijn van een procedure
- Verzoekschrift en opening. Het bedrijf dient een verzoekschrift in met zijn cijfers en een lijst van schuldeisers. De rechtbank spreekt de opening uit, stelt een gedelegeerd rechter aan en publiceert het vonnis binnen enkele dagen in het Belgisch Staatsblad.
- Kennisgeving aan de schuldeisers. Elke schuldeiser op de lijst wordt verwittigd van het bedrag en de categorie (gewoon of buitengewoon) waarmee hij in het dossier staat.
- Neerlegging van het plan. Bij een collectief akkoord legt het bedrijf zijn reorganisatieplan neer op RegSol, enkele weken voor de stemming. Het plan beschrijft per categorie van schuldeisers wat er betaald wordt en wanneer.
- Stemming en homologatie. Haalt het plan op de zitting een meerderheid, dan homologeert de rechtbank het en is het bindend voor iedereen, met uitvoering over maximum vijf jaar.
- Einde of mislukking. Wordt het plan verworpen of houdt het bedrijf zich er niet aan, dan eindigt de bescherming en volgt vaak alsnog een faillissement.
Zo dient u uw schuldvordering in
Alles loopt via RegSol, het Centraal Register Solvabiliteit. Maak een account aan, open het dossier en controleer het bedrag dat het bedrijf voor u heeft opgegeven. Klopt het niet, of staat u als gewone schuldeiser vermeld terwijl u een pand of eigendomsvoorbehoud heeft, dan dient u binnen de termijn een aangifte van schuldvordering in met uw facturen, contract en aanmaningen. Bij blijvende onenigheid beslist de rechtbank.
Wie niets doet, wordt bij een collectief akkoord toch gebonden door het plan, op basis van de cijfers van het bedrijf zelf, en verliest zijn stem.
Zo spot u een gerechtelijke reorganisatie
De opening wordt op drie plaatsen zichtbaar:
- Belgisch Staatsblad: het vonnis vermeldt het type procedure, de einddatum van de opschorting en de gedelegeerd rechter.
- KBO: de juridische toestand springt naar code 91 "Opschorting (gerechtelijke reorganisatie)".
- Jaarrekening.be: zoek het bedrijf op en u ziet de status als badge bovenaan het Overzicht. Onder Publicaties vindt u het vonnis zelf met datum en PDF.
Eén kanttekening: de besloten voorbereidende procedure wordt niet gepubliceerd, dus een bedrijf kan al maanden aan een herstructurering werken zonder dat de KBO iets toont. Kijk daarom ook naar de jaarrekening: negatief eigen vermogen, oplopende schulden aan fiscus en RSZ en een laattijdige neerlegging gaan meestal aan een WCO vooraf.
Hoe loopt het af?
Een opschorting is een adempauze, geen redding. Een groot deel van de procedures eindigt alsnog in een faillissement. En als er een collectief akkoord komt, krijgen gewone schuldeisers vaak slechts een deel van hun vordering, gespreid over meerdere jaren. Schuldeisers met een pand, hypotheek of eigendomsvoorbehoud (de "buitengewone schuldeisers in de opschorting") staan sterker: hun vordering kan zonder hun akkoord niet verminderd worden. Bij een overdracht wordt de verkoopprijs verdeeld volgens de rangorde van een faillissement, en blijft er voor gewone leveranciers meestal weinig over.
Bescherm uzelf op voorhand
Eens een klant onder gerechtelijke reorganisatie staat, is uw speelruimte klein. De winst zit in wat u vooraf doet:
- Bepaal een kredietlimiet per klant en houd u eraan. Hoe u die berekent, leest u in kredietlimiet van een klant bepalen.
- Volg de betalingstermijn op. Een klant die van 30 naar 75 dagen schuift, financiert zich bij u. Onze DSO-check laat zien of dat structureel is.
- Lees de jaarrekening. De 5 alarmbellen staan meestal al een of twee jaar voor de procedure in de cijfers.
- Zet een eigendomsvoorbehoud in uw algemene voorwaarden, schriftelijk aanvaard uiterlijk bij de levering.
- Vraag voorschotten bij grote of eerste bestellingen. Voor een nieuwe grote klant is er de risicoanalyse per bedrijf.
Samengevat
Gerechtelijke reorganisatie, de vroegere WCO, bevriest uw oude facturen voor in principe maximum twaalf maanden terwijl het bedrijf een akkoord of een overdracht uitwerkt. Lever intussen enkel tegen betaling, controleer uw vordering op RegSol, lees het plan en stem. Reken erop dat u vaak slechts een deel recupereert. Het echte werk gebeurt vooraf: een kredietlimiet, een eigendomsvoorbehoud en een oog op de cijfers en de juridische toestand van uw klanten.